Zo start je jouw moestuin
Zo start je!
Je eigen eten kweken is leuk, leerzaam en vooral heel lekker. Maar het vraagt ook een beetje aandacht. Waar zet je je plantjes neer? Wat hebben ze nodig om goed te groeien? Geen zorgen, in deze blog helpen we je stap voor stap op weg. Zodat jij jouw balkon of tuin kunt omtoveren tot een kleine moestuin waar je ontzettend van zult gaan genieten.
Stap 1: Kies een goede plek
Je moestuinplantjes worden het liefst blij van zon en een beetje beschutting. Een balkon of tuin op het zuiden of zuidwesten is ideaal, maar ook met minder zon kun je prima starten. Als richtlijn kun je zo’n 4 tot 6 uur zon per dag aanhouden.
Sommige planten zijn echte zonliefhebbers, zoals aardbei en courgette. Andere doen het juist goed met wat minder zon, zoals sla, munt, rucola en snijbiet. Kijk dus vooral wat jouw plek te bieden heeft, en pas je planten daarop aan. Zorg ook dat je plantjes niet vol in de wind staan, maar een beetje beschut.
Stap 2: Bepaal hoe je moestuin eruitziet
Heb je een tuin? Dan kun je in de volle grond werken (Let er wel op dat je zeker weet dat je grond niet vervuild is). Op een balkon kun je ook verrassend veel doen. Moestuinieren in potten en bakken werkt namelijk heel goed, soms zelfs beter.
Je kunt kiezen voor losse potten of growbags (kweekzakken). Die laatste zijn licht, flexibel en ideaal als je weinig ruimte hebt. Ze laten water goed door en geven de wortels genoeg lucht. Houd er wel rekening mee dat ze op warme dagen iets sneller uitdrogen (je kunt deze via het aanmeldformulier bestellen).
Sommige planten kunnen prima samen in één grotere bak, zoals pluksla en rucola. Snijbiet kan ook gecombineerd worden met andere bladgroenten. Munt zet je het liefst apart, die groeit snel en neemt anders de ruimte over. En de courgette? Die geef je een eigen, ruime pot en een beetje hulp om omhoog te groeien.
Als richtlijn kun je aanhouden:
- de meeste planten: zo’n 25–30 cm diep
- courgette: ongeveer 40 cm diep en wat breder
En niet onbelangrijk: zorg altijd voor gaten onderin je potten, zodat overtollig water weg kan.
Stap 3: Maak je bodem klaar
Een goede start begint bij de bodem. Ga je in potten of bakken tuinieren? Gebruik dan altijd biologische potgrond. Die is luchtig en zit vol voedingsstoffen, zodat je planten goed kunnen groeien. Tuinaarde is hiervoor minder geschikt, omdat die te zwaar is.
Werk je in de volle grond? Dan is het slim om de bodem eerst wat aandacht te geven. Verwijder onkruid, maak de grond los en voeg biologische tuinaarde toe. Zo zorg je voor een gezonde, luchtige bodem waar je planten blij van worden.
Na een tijdje kun je je planten wat extra voeding geven, bijvoorbeeld met biologische compost. Zie het als een kleine boost voor je moestuin.
Stap 4: Planten en zaaien
Dan is het moment daar: je gaat beginnen met planten. Zet je plantjes voorzichtig in de aarde en druk deze licht aan. Geef daarna meteen wat water, dat kunnen ze goed gebruiken.
Werk je met zaadjes? Maak dan kleine gaatjes in de grond, leg er een paar zaadjes in en dek ze voorzichtig af. Geef ook hier een beetje water. En lees vooral de achterkant van het zaaizakje voor meer informatie.
Het hoeft allemaal niet perfect, je plantjes doen het meeste werk zelf.
Meer van Amsterdamse bodem
Pure markt
Of je nu komt voor je boodschappen, een versgebakken taartje, een oester of een koud biertje: alles is met liefde gemaakt en je hoort zó van de maker waar het vandaan komt.
Dignita
Dignita serveert gezonde, lokale brunchgerechten en ondersteunt via het Not For Sale-model kwetsbare groepen.